Overleg betreffende de voortgang Wet op de Lijkbezorging

De vaste commissie voor Binnenlandse Zaken heeft op 26 november 2019 o.a. overleg gevoerd met de heer Knops, minister van Binnenlandse Zaken (tijdelijke vervanger minister Ollogren) en Koninkrijksrelaties over de brief  van 18 november 2019 met betrekking tot de voortgang modernisering Wet op de lijkbezorging (Wlb). Rein Bouwman was namens Nardus er bij.

Er zijn drie zaken behandelend en wel voortgang nieuwe wet, kwaliteit en digitale nalatenschap.

Voortgang

De Gezondheidsraad komt met een advies en er wordt nog veel gesproken met stakeholders, bijvoorbeeld ook met het ministerie van Justitie en Veiligheid. Pas in september 2020 volgt de planning van het wetstraject. In mei schrijft de minister opnieuw een voortgangsbrief. Daarin zal hij  concreet aangeven hoe hij de moties wil verwerken in de wet, vooruitlopend op het advies van de Gezondheidsraad.

In september 2020 zal de minister duidelijk maken hoe hij de modernisering van de wet precies voor zich ziet. Dat is dan naar aanleiding van het advies van de Gezondheidsraad en ook invulling gevend aan de ingediende moties en de toezeggingen die er zijn gedaan. Parallel aan dit hele traject gaat het ministerie natuurlijk wel door met de voorbereiding van het wetsvoorstel.

Kwaliteit

Er zijn vervelende incidenten geweest in de sector. Het (voorlopig) beeld van de minister is dat die marginaal zijn. Maar juist omdat het over een heel gevoelig onderwerp gaat, zijn ze wel heel heftig en komen ze binnen als een uitzending hierover ziet. Het ministerie wil kijken hoe ze dit probleem proportioneel kan tackelen en hoe ze het aantal incidenten omlaag kan brengen. De sector heeft daar zelf ook belang bij, want zo’n uitzending (als onlangs is uitgezonden) is buitengewoon negatief voor de hele sector. De minister ziet dat de sector zelf bezig is met keurmerken, met een register en met een ombudsfunctie. Dat is een goede ontwikkeling. Je krijgt nooit 100% garantie, maar je geeft wel aan dat je dit niet accepteert en dat je hier hard tegen gaat optreden. Als er wetsartikelen nodig zijn om die sancties effectiever te maken, dan staat de minister daarvoor open. De minister wil samen met de sector nader kijken: wat de meldingen zijn, hoe vaak  het speelt en in welke categorie en wat de eigen ideeën zijn van de sector om dat aan te pakken? De minister wil de problemen (voorlopig) niet oplossen door allerlei regels te stellen.

Tijdens de vergadering zijn door diverse leden vragen gesteld over het reguleren van het beroep, over accreditatie, over de opleiding en over het registreren van de beroepsgroep. De minister  vindt het op dit moment nog te ver gaan om op de één of andere manier van het beroep van uitvaartondernemer een beschermd beroep te gaan maken. In Nederland is de basisregel dat de beroepen vrij zijn. Er moeten goede redenen voor zijn om van een beroep een beschermd beroep te maken, waarbij het dus niet meer vrij is. Maar geldt ook hier de vraag: wat is het meest effectieve middel? Het is de vraag of het effectief is om een heel systeem van accreditatie te gaan opbouwen voor relatief weinig incidenten. De minister wil er met de sector over spreken.
De minister tendeert niet naar meer regelgeving rondom het beroep van uitvaartondernemer, anders dan wat de sector nu zelf doet. De misstand die als voorbeeld werd genoemd, betrof iemand die zich werkelijk aan alles onttrekt en ook niet was aangesloten bij een brancheorganisatie. Als een consument kijkt waar hij zaken mee gaat doen, is er wel een soort kwaliteitskeurmerk, want je werkt met organisaties die een eigen opleidingssysteem hebben en dat hoeft op zichzelf helemaal niet verkeerd te zijn. De vraag is of er bepalingen moeten worden opgenomen om dat bij wet te regelen. Of is dat disproportioneel en maak je dan het werk onmogelijk van de ondernemer die het erbij doet?

Digitale Nalatenschap

Over de digitale nalatenschap gaat de minister in gesprek met het ministerie van Justitie en Veiligheid in gesprek. Als het over nalatenschap gaat, is het privaatrecht en dat is een heel ander hoofdstuk. Het gaat erom dat het geregeld wordt. Er moet duidelijkheid komen over hoe je dit kunt regelen en waar je het kunt regelen. Waar het zijn grondslag vindt, in welke wet, is niet zo relevant.  Het gaat erom of je mensen ook aan de voorkant ervan bewust kunt maken dat ze voldoende voorbereidingen treffen, zodat ze weten wat ze moeten doen als dit aanstaande is: hoe ze dit goed kunnen regelen of hoe ze anderen kunnen machtigen om dit voor hen te regelen, net zozeer als een testament uitgevoerd wordt. Dat zijn allemaal zaken die nu totaal niet in de Wet op de lijkbezorging zitten.

Lees de brief over de voortgang modernisering van 18 november 2019 hier.

Op 18 december staat de volgende afspraak gepland. Hier zullen zowel Rein Bouwman als Leen van Loosen namens Nardus aanwezig zijn.

Rein Bouwman,
bestuurslid uitvaartzorg